OVERWEGIN

Overweging b.g.v. de geboorte van de heilige maagd Maria 

Zeer terecht laat de Kerk ons in een opwelling van vreugde zeggen: “Uw geboorte, Moeder Gods en Maagd, heeft vreugde verkondigd aan de gehele wereld; want uit u is opgerezen de Zon van de gerechtigheid, Christus, onze God. Hij heeft door de vloek te delgen ons zegening gebracht en door zijn overwinning op de dood ons het eeuwig leven geschonken”. Als de geboorte van een kind inderdaad vreugde brengt in de huiselijke kring die nochtans niets weet over zijn toekomst; als de Kerk ons op 24 juni zegt, dat het een dag van vreugde is, omdat de geboorte van Johannes ons de geboorte in het vooruitzicht stelt van Hem wiens wegen hij zal bereiden, hoeveel te meer moet de komst op deze wereld zijn van haar die de Moeder van de Heiland zal zijn. Het evangelie leert ons dat de geboorte van Johannes de Doper vreugde bracht aan zijn ouders, aan het dorpje Aïn Karim en de omliggende gehuchten. Van de geboorte van Maria weten we niets, maar ook al ontging deze geboorte aan de massa, ook al bleef Jeruzalem onverschillig; wij weten dat deze dag niet alleen voor een stad en een volk, maar voor heel de wereld van alle tijden een bron van onvergelijkelijke vreugde ís en zal zijn. In de hemel is er vreugde voor de allerheiligste Drieëenheid: vreugde voor de eeuwige Vader die Zich verheugt over de geboorte van zijn welbeminde dochter, aan wie Hij deel zal geven aan zijn vaderschap; vreugde voor de Zoon, die de bovennatuurlijke schoonheid beschouwt van haar, die zijn Moeder zal worden, in wie Hij zijn lichaam zal aannemen tot verlossing van  de wereld; vreugde voor de Heilige Geest van wie Maria diens smetteloos heiligdom zal zijn, zijn medewerkster aan het werk der ontvangenis en menswording van het Woord. Daar is de vreugde van de engelen: met bewondering zien zij dat kind, dat wonder en meesterwerk van de Almachtige; in haar heeft God meer wijsheid, macht en liefde ontplooid dan in alle andere schepselen: van Maria heeft Hij de smetteloze spiegel gemaakt van al zijn volmaaktheden; zij beseffen dat Maria alleen aan haar Schepper meer eer en glorie geeft dan aan al hun koren te samen en zij begroeten haar reeds als hun koningin, de heerlijkheid van de hemel, de tooi van de hemelse en aardse wereld. De H.Johannes Damascenus is zelfs van mening dat de zielen in het voorgeborchte van deze gelukkige geboorte in kennis zijn gesteld en dat Adam en Eva in een blijdschap welke zij sinds hun zonde in het paradijs niet meer hadden gekend, zouden hebben uitgeroepen: “Wees gezegend, gij dochter, die van ons de straffen van de overtreding hebt weggenomen; van ons hebt gij een sterfelijk lichaam geërfd; gij hebt voor ons in uw schoot het kleed der onsterfelijkheid gedragen; gij geeft aan ons ons eerste verblijf terug; wij hebben de poorten van het paradijs gesloten; gij baant opnieuw de weg naar de boom des levens”. Andere oude schrijvers verhalen ons hoe de patriarchen en profeten die van verre de komst van Maria hadden aangekondigd, haar begroetten als de vervulling van hun goddelijke voorzeggingen. Ten slotte was daar de vreugde op aarde.  Met de heiligen mogen wij gerust het volgde aannemen: God heeft aan allen, die de Verlosser verwachtten, een uitzonderlijke vreugde geschonken die hen met een vreugde vervulde, die zij niet konden verklaren; God vervulde hen met een innige overtuiging dat het uur van het heil van de wereld was aangebroken. Deze vreugde gold met name de gelukkige ouders: de heilige Joachim en Anna. Van hen steeg een vurige dankgebed op tot de God wiens aanwezigheid zij in hun woning  voelden. De H.Johannes Damascenus roept uit: “O gelukkig ouderpaar, de gehele schepping is u dank verschuldigd, want door u heeft zij aan God de kostbaarste van alle gaven aangeboden, de bewonderenswaardige Moeder, die Hem alleen waardig was. Zalig uw schoot, o Anna, die haar heeft gedragen die in haar schoot het eeuwig Woord zal dragen: Hem die de gehele aarde niet kan omvatten en die aan alle mensen de wedergeboorte zal brengen! Gij hebt haar voortgebracht die met haar melk Hem zal voortbrengen die met zijn vlees en bloed de wereld zal voeden. Zo is dan de geboorte van de H.Maagd oorzaak van blijdschap en die blijdschap omgeeft en doordringt op 8 september alles.

 Conform “Het liturgisch jaar” van Dom Prosper Guéranger, N.V.Gooi en Sticht, Hilversum, 1957, blz. 279 e.v..